Christelijk Denken

...elk bedenksel als krijgsgevangene brengen onder de gehoorzaamheid aan Christus
(2 Kor. 10:5)


Over Ds. José M. Martínez
Een leven vol van vrede: overwinning over angst (II)
Gebedsleven
Waarom ik geen atheïst ben
Op zoek naar de regenboog

printPalabras de consuelo y esperanzaWords of comfort and hopePalabras de consuelo y esperanza

Woorden van troost en hoop

Wat zijn onze belangrijkste behoeften aan het begin van het Nieuwe Jaar? Het antwoord op deze vraag kan heel uiteenlopend zijn, maar het bevat vrijwel zeker drie woorden: troost, hoop en nieuwe kracht. Er is veel vermoeidheid, pijn en onzekerheid. Zowel persoonlijk als gezamenlijk moeten we nieuwe krachten vinden.

Jesaja hoofdstuk 40 is een gedenkwaardige tekst vol troost en doordrenkt van hoop die spreekt van en voor de vermoeiden, de gebroken harten en degenen die hoop nodig hebben. In deze tekst vinden we de beste bagage voor het jaar dat begint en tegelijkertijd een driedubbele reden om te danken. Het onthult ons op briljante wijze wat ons troost, waarom we hoop hebben, en eindigt met een geweldige belofte van nieuwe kracht. In elk van deze drie aspecten komt een van de personen van de Drie-eenheid naar voren:

  • Christus, de essentie van onze troost
  • God, de garantie van onze hoop
  • De Heilige Geest, de bron van onze kracht

De komst van Christus, essentie van onze troost (v. 1-9)

Troost, troost mijn volk (Jes. 40:1).

Indrukwekkende openingsnoot! Het is de toegangspoort tot een van de meest glorieuze delen van de Schrift, de liederen van de Lijdende Knecht(1) en bovenal is het de verkondiging van de meest transcendentale gebeurtenis in de geschiedenis: de komst van Christus naar de wereld. Het is niet verwonderlijk dat Händel juist door deze woorden werd geïnspireerd om zijn beroemde compositie “Messias” mee te beginnen.

Merk op hoe de klinkende openingsproclamatie -Troost, troost- wordt gevolgd door de profetische aankondiging van de komst van Jezus als Messias. Met deze gebeurtenis zou er een vervaldatum worden gezet op lijden en dood. Bestaat er een grotere troost?

Het gaat om een tweemalige komst: Christus kwam de ​​eerste keer, Kerst; Christus zal wederkomen, de tweede komst in heerlijkheid, de Parousia; en in de tussentijd is Christus bij ons al de dagen tot aan de voleinding der wereld (Mat. 28:20). De aanwezigheid van Christus verandert alles. Er is een voor en na Christus, niet alleen in de kalender van de geschiedenis, maar ook in de kalender van ons leven.

De tekst toont ons vier aspecten van deze profetische boodschap. In feite is het een authentiek Evangelie in miniatuur (niet toevallig wordt het boek Jesaja het “vijfde evangelie” genoemd en Jesaja “de evangelische profeet”).

Het is een boodschap voor de gemeenschap

De woorden zijn gericht tot het volk van God. Troost is niet alleen een individuele ervaring, maar ook een gemeenschappelijke. Het is belangrijk om dit vandaag te onthouden, want het groeiende individualisme van onze samenleving omringt ons en sleept ons mee. Geloof is een persoonlijke ervaring, maar niet individualistisch, we worden gered in onze privacy, maar we leven het geloof in gemeenschap. De ervaring van het christendom is onlosmakelijk verbonden met de ecclesia (vergadering of bijeenkomst van gelovigen).

Het Evangelie is de kracht van God voor mijn redding (Rom. 1:16), het geeft mij leven en verandert mijn leven (Joh. 10:10), maar het is ook de kracht van God om voor zichzelf een volk te vormen. We mogen dit dubbele karakter niet vergeten, anders vallen we in een utilitaristisch geloof dat alleen probeert mijn persoonlijke problemen op te lossen en mijn eigen behoeften te vervullen.

Het is een boodschap van vergeving

Roept het toe, dat zijn ongerechtigheid geboet is (Jes. 40:2).

Het Evangelie begint met een ervaring van vergeving en verzoening met God. Dit is de eerste stap. Daarom moet het het hart, het geweten bereiken. De uitdrukking spreek tot het hart (Jes. 40:2) is dezelfde die gebruikt werd toen Jozef tot zijn broers sprak ook in een context van vergeving en verzoening. De realiteit van zonde en de noodzaak van vergeving maakten de komst van Christus noodzakelijk, want er is één middelaar tussen God en mensen, de mens Christus Jezus (1 Tim. 2:5).

Het is een transcendente boodschap

Wat op het spel staat is niet alleen ons leven hier, maar onze eeuwige bestemming. Vandaar de levendige beschrijving van de vergankelijkheid van het leven: Alle vlees is gras, en al zijn schoonheid als een bloem des velds. Het gras verdort, de bloem valt af, als de adem des Heren daarover waait. Voorwaar, het volk is gras. Het gras verdort, de bloem valt af, maar het woord van onze God houdt eeuwig stand (Jes. 40:6-8).

Jakobus en Petrus zeggen ditzelfde in twee afzonderlijke teksten (Jak. 1:10-11; 1 Petr. 1:24-25) en onderschrijven de ernst van het onderwerp. De kortheid van ons leven doet ons denken aan het hiernamaals, aan het eeuwige leven. We worden geconfronteerd met een transcendentale en daarom dringende boodschap.

Het is een dringende boodschap

De proclamatie ervan is absoluut noodzakelijk, een prioriteit. Er worden vier keer (vs. 2, 3, 6 en 9) deze dringende uitingen gebruikt: roept het toe, Hoor, iemand roept, Hoor, iemand zegt: Roep, verhef uw stem met kracht. Het is erg belangrijk omdat het “Het goede nieuws” van redding is. Het woord vreugdebode, twee keer gebruikt in vers 9, betekent evangelist: evangelist van Sion... evangelist van Jeruzalem. Het is een voorproefje van Jezus' mandaat met de Grote Opdracht (Mat. 28:19).

De profetische aankondiging van de komst van Christus openbaart ons de heerlijkheid en kracht van God. Daarom beschrijft de tekst nu als natuurlijk gevolg de grootheid van onze God.

Het karakter van God, de garantie van onze hoop (v. 10-29)

Zie, hier is uw God! (Jes. 40:9)

Troost is het eerste woord in de tekst, maar we hebben een tweede behoefte: hoop. De tekst is doordrongen van hoop en straalt hoop uit. Troost en hoop zijn onafscheidelijk, ze vormen een paar. Troosten is hoop geven en hoop geven is troosten. In het Nieuwe Testament zien we de nauwe relatie tussen de twee: En Hij, onze Here Jezus Christus, en God, onze Vader, die ons heeft liefgehad en ons eeuwige troost en goede hoop door zijn genade verleend heeft (2 Tess. 2:16).

Onze troost is eeuwig en onze hoop is goed omdat ze zijn gebaseerd op het karakter van God. Deze hoop maakt ons niet beschaamd, stelt ons niet teleur, want ze hangt niet af van ons, maar van de liefde Gods die in onze harten is uitgestort (Rom. 5:5).

Dit alles is mogelijk omdat we een grote God hebben. Zie, hier is uw God!. Drie aspecten, die met elkaar verweven zijn, komen voortdurend voor in de tekst. Laat de kracht van het Woord voor zichzelf spreken:

God is de Schepper

Wie mat de wateren met zijn holle hand, bepaalde de omvang der hemelen met een span, vatte met een maat het stof der aarde, woog de bergen met een waag en de heuvelen met een weegschaal? (Jes. 40:12).
Heft uw ogen naar omhoog en ziet: wie heeft dit alles geschapen? Hij, die het heer daarvan in groten getale uitleidt en elk daarvan bij name roept door de grootheid zijner sterkte en omdat Hij geweldig van kracht is; er blijft niet één achter (Jes. 40:26).

God is Soeverein

Hij troont boven het rond der aarde, en haar bewoners zijn als sprinkhanen; Hij breidt de hemel uit als een doek en spant hem uit als een tent waarin men woont. Hij geeft de machthebbers over ter vernietiging, Hij maakt de regeerders der aarde tot ijdelheid (Jes. 40:22-23).
Weet gij het niet, hebt gij het niet gehoord? Een eeuwig God is de Here, Schepper van de einden der aarde. Hij wordt noch moede noch mat, zijn verstand is niet te doorgronden (Jes. 40:28).

God is Herder en Onderhouder

Hij zal als een herder zijn kudde weiden, in zijn arm de lammeren vergaderen en ze in zijn schoot dragen; de zogenden zal Hij zachtkens leiden (Jes. 40:11).
Hij geeft de moede kracht en de machteloze vermeerdert Hij sterkte (Jes. 40:29).

Deze Almachtige God, Heer en Herder is de garantie van onze troost en onze hoop.

Nieuwe kracht, het resultaat van onze hoop (v. 28-31)

Wie de Here verwachten, putten nieuwe kracht (Jes. 40:31).

Tot dusver hebben we de reden voor onze troost, Christus, en de garantie van onze hoop, de soevereine God, gezien. Maar de tekst eindigt met een kerngedachte die overeenkomt met de derde behoefte en reden tot dankbaarheid: nieuwe kracht.

Gods pastorale hart wordt door de hele tekst uitgestort, maar vooral in deze laatste paar verzen waar de boodschap afsluit met een praktische toepassing. De troost van Christus en de hoop van God zijn niet iets theoretisch, louter theologische concepten; ze hebben onmiddellijk effect op de gelovige: nieuwe kracht, ze maken ons levend. Hier is het de Heilige Geest die een overheersende rol speelt, zoals Paulus ons in herinnering brengt: En indien de Geest van Hem, die Jezus uit de doden heeft opgewekt, in u woont, dan zal Hij, die Christus Jezus uit de doden opgewekt heeft, ook uw sterfelijke lichamen levend maken door zijn Geest, die in u woont (Rom. 8:11).

De levengevende werking van de Geest zal met onze opstanding maximaal tot uiting komen; maar het manifesteert zich hier en nu al en versterkt ons in onze dagelijkse wandeling. Het is interessant dat de vernieuwing van krachten wordt beschreven in een drievoudige metafoor:

  • Vliegen: zij varen op met vleugelen als arenden
  • Lopen (rennen): zij lopen, maar worden niet moede
  • Wandelen: zij wandelen, maar worden niet mat

Deze ervaring beleven we op diverse manieren: er zijn perioden waarin we in staat zijn om in spirituele hoogten te vliegen; andere keren rennen we stevig, en er zijn moeilijkere momenten waarop we alleen kunnen lopen. In alle drie de ervaringen is er beweging. Het maakt niet uit dat je alleen maar kunt lopen, het gevaar schuilt in stilstaan, stoppen.

Deze diversiteit kan ook verwijzen naar verschillende soorten mensen. Iedereen heeft een eigen geloofservaring, die afhangt van factoren van temperament, studies, persoonlijke ervaringen, cultuur, enz. We moeten elkaar leren accepteren, want in het lichaam van Christus vliegt niet iedereen en rent niet iedereen, maar iedereen moet lopen.

De apostel Paulus zegt in zijn geestelijk testament aan Timoteüs tegen hem: wees krachtig in de genade van Christus Jezus (2 Tim. 2:1). De betekenis van het werkwoord(2) is “grijp de kracht”, “wordt gesterkt”, “maak je sterk” in de genade van Christus. De bron van onze kracht ligt niet in onszelf, onze veerkracht of capaciteiten zoals het humanisme beweert, maar in Degene die in ons woont, Christus. Het is geen natuurlijke kracht, maar bovennatuurlijk.

Het evangelie geeft ons woorden van troost en hoop zoals niets en niemand ons die kan geven, woorden die ons het hele jaar door en elke dag van ons leven nieuwe kracht geven. Het zijn woorden van overvloedig leven en eeuwig leven.

En Hij, onze Here Jezus Christus, en God, onze Vader, die ons heeft liefgehad en ons eeuwige troost en goede hoop door zijn genade verleend heeft, trooste uw harten, en make ze sterk in alle goed werk en woord (2 Tess. 2:16-17).

Dr. Pablo Martínez

Voetnoten

(1) De zogenaamde “Liederen van de Knecht” zijn een reeks van vier gedichten in het boek Jesaja (hoofdstukken 42 tot 53) die 800 jaar van tevoren het karakter en werk van Jezus profetisch beschrijven. terug

(2) Het werkwoord staat in de gebiedende wijs van de passieve vorm, niet in de actieve. Dit geeft aan dat Timoteüs zichzelf deze macht niet kan geven. terug

printPalabras de consuelo y esperanzaWords of comfort and hopePalabras de consuelo y esperanza


Uw opmerkingen zijn zeer welkom

AccepterenDeze website gebruikt cookies om statistische gegevens te verkrijgen. De cookies op deze website slaan nooit persoonlijke gegevens op. Als u doorgaat met browsen op deze website, begrijpen we dat u het gebruik van cookies accepteert. Lees ons Cookie Beleid